Verdedigingsbelang geschonden in boetezaak

10-07-2020

De verkoop van tabak en alcohol aan jongeren onder de 18 is voor de overheid nog altijd een doorn in het oog. Door de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (hierna: NVWA) wordt de laatste tijd vol ingezet op handhaving van deze regels. Dat doet de NVWA onder meer door de inzet van de zogenoemde mystery guests. Over de inzet van mystery guests (in een sportkantine) schreef ik al eerder een blog. Maar de NVWA doet meer: zo gaan zij ook wel eens kijken in kroegen om te zien of er alcohol/tabak wordt verkocht aan mensen onder de 18. Zien zij een persoon die onder de 18 lijkt, dan spreken zij die aan en checken ze of diegene onder de 18 is. Mocht blijken dat diegene onder de 18 is, dan zal er een boete volgen voor de ondernemer. Dat dat niet altijd even goed uitpakt voor de NVWA, blijkt uit een recente uitspraak van de Rechtbank Rotterdam! In de uitspraak werd het verdedigingsbelang geschonden, waardoor het beroep gegrond werd verklaard.

Casus

De casus die bij de Rechtbank Rotterdam diende, speelde zich af in een kroeg in Hengelo. De toezichthouder zag een jonge jongen in een horecazaak een pakje sigaretten kopen. De toezichthouder heeft deze jongen aangesproken en gevraagd naar zijn leeftijd. De jongen verklaarde dat hij pas 15 was en dat hem niet naar zijn identiteitsbewijs is gevraagd. Een andere toezichthouder die bij de controle aanwezig was wist dit ook te bevestigen. Onmiskenbaar een overtreding, zou je zeggen. Maar de NVWA heeft fouten gemaakt in de procedure, waardoor de boete uiteindelijk onderuit ging.

De overtreding zelf vond plaats op 8 september 2018. Elf dagen later is de echtgenote van de caféhouder gebeld met de vraag of zij een verklaring wilde afleggen. De echtgenote heeft dit niet kunnen doen: het is niet vast komen te staan dat zij überhaupt aanwezig was bij de overtreding. Bovendien: de caféhouder runt zijn zaak in de vorm van een eenmanszaak. Zijn echtgenote heeft niets met de zaak te maken. Als klap op de vuurpijl is er géén gespreksverslag gemaakt van het telefonisch horen van deze echtgenote.

Daar hielden de fouten van de NVWA nog niet mee op. Ruim twee maanden later, op 12 november 2018, werd het relaas van bevindingen opgemaakt door de inspecteurs. Het (bij de rechtbank) ingediende relaas is niet ondertekend en bovendien staan de namen van de inspecteurs er niet onder. Uiteindelijk is het (gebrekkige) relaas op 16 november 2018 aan de caféhouder toegezonden. Meer dan twee maanden later heeft hij de eerste mogelijkheid gekregen om op de bevindingen te reageren.

Dit is (uiteraard) niet de manier waarop gehandeld moet worden indien er een dergelijke overtreding wordt geconstateerd. Of iemand ‘onmiskenbaar de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt’ is een subjectieve toets. Bij zo’n toets moet de betrokkene de kans krijgen om meteen een reactie te geven. In dit geval had de caféhouder meteen de mogelijkheid moeten krijgen om uit te leggen waarom hij de jongeman niet om zijn identiteitsbewijs heeft gevraagd.

Onterechte boete

Nu dit niet gedaan is, is de boete onterecht opgelegd. De rechtbank overweegt dat ‘het rapport niet is gebaseerd op een volledig en deugdelijk onderzoek van alle relevante feiten en omstandigheden. Daarmee is eiseres in haar in artikel 6, derde lid, aanhef en onder d, van het EVRM neergelegde verdedigingsrechten geschaad’. De caféhouder heeft niet de mogelijkheid gekregen om de ‘getuige’ (in dit geval de jongen van 15) te horen. Alleen al hierom moet het boetebesluit worden vernietigd.’ De rechtbank komt niet eens toe aan de andere fouten die gemaakt zijn door de NVWA.

Conclusie

Uit deze zaak blijkt maar weer dat hoe overduidelijk de overtreding ook is, het bestuursorgaan wel haar zaakjes op orde moet hebben. Heeft het bestuursorgaan dat niet, dan zal het beroep gegrond moeten worden verklaard.

Robin Link

« Terug
×